stofzuigen

/stɔfsœyɣə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. verwijderen van stof door het aanleggen van een verlaagde druk met een apparaat
    Dat kleed is zo vies dat je het nu meteen moet stofzuigen.
    We stofzuigden eerst, daar was ik voornamelijk verantwoordelijk voor.
  2. schoonmaken door alle rotzooi te verwijderen
    Nadat alles ingepakt was gingen we in een lange rij over het kampterrein lopen om het te ‘stofzuigen’.

Etymologie

*Afgeleid van stofzuiger. of