stoten

/ˈstotə(n)/

Wat is de betekenis van stoten?

stoten betekent: (ov) met een korte snelle beweging (weg)duwen

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) met een korte snelle beweging (weg)duwen

Voorbeelden van "stoten" in een zin

  • De opspringende hond stootte hem van zijn krukje.

Betekenis en uitleg van stoten

Het woord 'stoten' verwijst vaak naar het per ongeluk of opzettelijk in contact komen met iets, wat kan leiden tot een schokkende of pijnlijke ervaring. Dit kan zowel lichamelijk zijn, zoals tegen iets aanlopen, als figuurlijk, bijvoorbeeld als je iemand emotioneel raakt.

Je gebruikt 'stoten' in situaties waar er een plotselinge impact of botsing plaatsvindt, bijvoorbeeld als je tegen een meubelstuk aanloopt. Het kan ook in een meer metaforische zin gebruikt worden, zoals in het geval van een ongelukkige opmerking die iemand pijn doet. De nuance ligt in de onverwachte aard van de actie, die vaak leidt tot een onaangename verrassing.

Voorbeelden

  • Toen hij de hoek om liep, stootte hij zijn been tegen de tafel en schrok van de pijn.
  • Ze stootte een opmerking uit die haar vriendin zichtbaar kwetste, zonder het te beseffen.
  • De bal stootte tegen de muur en kaatste terug, precies in het gezicht van de speler.

Woordoorsprong

Het woord 'stoten' komt van het Oudnederlandse 'stōtan', wat 'duwen' of 'stoten' betekent, en heeft verwanten in andere Germaanse talen.

Veelgestelde vragen over stoten

Wat is de betekenis van stoten?

stoten betekent: (ov) met een korte snelle beweging (weg)duwen

Hoe gebruik je stoten in een zin?

Voorbeeld: “De opspringende hond stootte hem van zijn krukje.

Etymologie

* In de betekenis van ‘een duw geven, schokken’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240

Uitdrukkingen

  • met horten en stoten

Vertalingen

Engelsbump, butt, thrust
Franspousser
Duitsstoßen
Spaansempujar