strandcabine

vrouwelijk (de)/ˈstrɑntkaˌbinə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bouwkunde (bouwkunde) hutje bij een strook met zand bedekt land langs de kust; vooral gebruikt als omkleedruimte en bergruimte voor strandspullen
    Jij hebt zelf een strandcabine in Domburg. Je ondersteunt dus ook kustbebouwing? "Haha, ja, mar het is slechts een hokje. We zitten er wekelijks. (…)"