Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
struikgorzen
/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (zangvogels) een geslacht van zangvogels uit de familie (Amerikaanse gorzen). Het geslacht telt 34 soorten
Etymologie
* "struikgors" met de uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek