stuc
onzijdig (het)/xxxx/
Wat is de betekenis van stuc?
stuc betekent: zand, kalk en gebrand gips of marmerpoeder
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- zand, kalk en gebrand gips of marmerpoeder
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans of Italiaans, in de betekenis van ‘pleisterkalk’ voor het eerst aangetroffen in 1604
Vertalingen
Engelsplaster
Spaansestuco
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek