Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

stuurnaaf

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈstyrnaf/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. middelste deel van een stuurwiel dat vastzit aan de as die de stand regelt van de onderdelen van een voertuig die bepalen in welke richting het beweegt
    Alfa rijden was een milde vorm van stervensbegeleiding. De aan de voorruit geplakte achteruitkijkspiegel viel bij zonnig weer op schoot, de claxon op de stuurnaaf werd bij het bedienen door een onderliggende veer afgeschoten en veroorzaakte een lichte knock-out.