tapen
/ˈtepə(n)/
Wat is de betekenis van tapen?
tapen betekent: (ov) (sport) ter ondersteuning en bescherming omwikkelen (van lichaamsdelen) met sporttape
Betekenis
werkwoord
- (ov) (sport) ter ondersteuning en bescherming omwikkelen (van lichaamsdelen) met sporttape
- (ov) met breed plakband vastmaken of sluiten
- (ov) vastleggen op film of magneetband
Voorbeelden van "tapen" in een zin
- Het tapen van handen en armen helpt niet omdat renners de handen stevig rond het stuur moeten klemmen tegen de schokken.
- We plakken de onderkant dicht. En daarna de zijkanten. En daarna tapen we van binnen naar buiten meerdere lagen kleefband om het zakje, dat er uiteindelijk niet meer als zodanig uitziet.
- (…) bovendien nam ik talloze vergeten filmprogramma’s op, zoals de onder cinefielen zeer gewaardeerde inleidingen van Alex Cox en Mark Cousins op (cult)films. En daar zijn herinneringen aan verbonden: nachten van laat opblijven om mij toen nog onbekende meesterwerken te tapen. Die banden dan nu bij het grof vuil zetten voelt als een deel van mijzelf uitwissen.
Etymologie
* van "tape"; op te vatten als afgeleid van "tape"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek