tarbot
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (straalvinnigen) eetbare platvis, tot 100 cm lang en 30 kg zwaarNederlandse viskwekers lopen er tegenaan dat voor de vissoorten die zij lokaal telen, zoals meerval, tarbot en baars, nog geen keurmerk bestaat. Het ASC-keurmerk voor duurzame kweekvis heeft zijn handen vol aan vissoorten die internationaal op veel grotere schaal worden geteeld, zoals Noorse zalm en Vietnamese pangasius.Tubantia Annemieke van Dongen 19-JULI-2017Drie weken in hooi gerijpte boerderijeend met gnocchi van puntpaprika en brokjes frisse watermeloen, tarbot 'tandoori'in een gewaagde Indiase entourage van kikkererwtencurry en gel van mango, lang en zacht gegaarde lamsnek met zoete rozijnen van blauwe bes en puree van gefermenteerde knoflook: elke gang brengt ons op het puntje van de stoel.Volkskrant Mac van Dinther 28 september 2017
Etymologie
* uit het Frans
Vertalingen
Engelsturbot, rhombus
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek