teenstuk

onzijdig (het)/ˈtenstʏk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. deel van schoeisel dat bij de tenen zit
    We besloten een eerste rondje door de stad te lopen. De ex kon me niet bijbenen, bleek toen we een tijdje door de straten liepen. Hij had de grootste moeite de slippers aan zijn voeten te houden. Bij elke stap moest hij zijn grote teen en de teen daarnaast stevig om het plastic teenstuk klemmen.

Vertalingen

Engelstip, toecap