tegelijk

/təɣəˈlɛɪk/

Wat is de betekenis van tegelijk?

tegelijk betekent: op hetzelfde moment

Betekenis

bijwoord
  1. woorden met boekreferenties op hetzelfde moment
  2. in dezelfde periode
  3. woorden met boekreferenties tevens.
  4. woorden met boekreferenties samen met iemand of iets anders

Voorbeelden van "tegelijk" in een zin

  • Zij draaiden zich allebei plotseling om en liepen tegelijk naar de ijskraam terug.
  • Volgens mij hebben zij tegelijk gestudeerd.
  • Zij is arts en tegelijk schrijfster.
  • Maar tegelijk voelt de mens zich ook bezorgd, woedend en angstig.
  • Als de timmerman toch komt, kun je tegelijk de rest van de meubels laten repareren.

Betekenis en uitleg van tegelijk

Het woord 'tegelijk' verwijst naar het gelijktijdig plaatsvinden van gebeurtenissen of activiteiten. Het duidt aan dat twee of meer dingen op hetzelfde moment gebeuren, zonder dat er een tijdsverschil is tussen hen.

Je gebruikt 'tegelijk' vaak om aan te geven dat je meerdere dingen tegelijkertijd doet, zoals studeren en muziek luisteren. Het kan ook gebruikt worden om situaties te beschrijven waarin verschillende activiteiten of gebeurtenissen zich op hetzelfde moment voordoen. Het woord heeft een praktische toepassing in zowel dagelijkse gesprekken als in meer formele contexten.

Voorbeelden

  • Ik kan niet tegelijk eten en mijn huiswerk maken, want dan kan ik me op geen van beide concentreren.
  • De wedstrijd en het concert beginnen tegelijk, dus ik moet kiezen welke ik wil bijwonen.
  • Ze werkte tegelijk aan haar thesis en een nieuw kunstproject, wat behoorlijk uitdagend was.

Woordoorsprong

Het woord 'tegelijk' is samengesteld uit de elementen 'te' en 'gelijk', wat suggereert dat iets op gelijke tijd plaatsvindt.

Veelgestelde vragen over tegelijk

Wat is de betekenis van tegelijk?

tegelijk betekent: op hetzelfde moment

Hoeveel betekenissen heeft tegelijk?

tegelijk heeft 4 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je tegelijk in een zin?

Voorbeeld: “Zij draaiden zich allebei plotseling om en liepen tegelijk naar de ijskraam terug.

Etymologie

samenstelling van te en gelijk

Vertalingen

Duitsgleichzeitig, zugleich
Engelsat the same moment, at the same time
Franssimultanément, en même temps
limidouch, tögliekertied
Spaansconcomitantemente, juntamente, simultáneamente