thuisblijven
/ˈtœysblɛivə(n)/
Wat is de betekenis van thuisblijven?
thuisblijven betekent: (erga) de eigen woning niet verlaten
Betekenis
werkwoord
- (erga) de eigen woning niet verlaten
Voorbeelden van "thuisblijven" in een zin
- We zijn gewoon lekker een avondje thuisgebleven.
- Zij voelde zich niet helemaal lekker, dus we hebben besloten dat het beter is dat iedereen thuisblijft.
- Iedereen op Curaçao moet thuisblijven. De regering raadde de inwoners van het eiland aan om te hamsteren. De vervroegde avondklok heeft volgens de DMO-voorzitter niet tot grote ongeregeldheden geleid onder winkelend publiek.
Vertalingen
Engelsstay at home
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek