Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
tienenhalf
/ˌtinənˈhɑlᵊf/
Betekenis
telwoord
- 10½ (of 10,5); het getal halverwege tussen tien en elfWat te doen bij zo’n eerste ontmoeting? Wat te zeggen? „Niets”, zegt ze nu, tienenhalf jaar later. „Gewoon een hand geven en glimlachen.”
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek