tijdstroom
mannelijk (de)
Wat is de betekenis van tijdstroom?
tijdstroom betekent: de voortgang van de tijd voorgesteld als een stroom
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de voortgang van de tijd voorgesteld als een stroom
- de manier waarop mensen gewoon zijn te denken en te redeneren in een bepaalde tijd
Voorbeelden van "tijdstroom" in een zin
- Terwijl zij even uit de tijdstroom stapten, ging het verhaal van de mensheid verder.
- Maar dat klopte niet helemaal, want ze zaten nu in een totaal andere tijdstroom.
- Stond hij daarnet nog in de ononderbroken loop der dingen, nu, weggezonden voor een uur, was hij uit de tijdstroom gelicht en terzijde gezet in een volkomen los interval, zonder enige richting of eigen dynamiek evenzeer aan het toeval overgeleverd als een afgevallen blad aan de wind; en zo min als een stuk rivier, opgetild en naast de bedding gezet, los van bron en zee nog stromen kan, zo min stroomde de tijd waarin Zijne ed.
Veelgestelde vragen over tijdstroom
Wat is de betekenis van tijdstroom?
tijdstroom betekent: de voortgang van de tijd voorgesteld als een stroom
Hoeveel betekenissen heeft tijdstroom?
tijdstroom heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft tijdstroom?
tijdstroom is een mannelijk (de).
Wat zijn synoniemen van tijdstroom?
Synoniemen van tijdstroom zijn: tijdgeest.
Hoe gebruik je tijdstroom in een zin?
Voorbeeld: “Terwijl zij even uit de tijdstroom stapten, ging het verhaal van de mensheid verder.”
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek