tijdvak

onzijdig (het)/ˈtɛitfɑk/

Wat is de betekenis van tijdvak?

tijdvak betekent: een begrensd deel van de tijd (tijdsinterval)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een begrensd deel van de tijd (tijdsinterval)
  2. geologie (geologie) een van de tijdperken waarin een periode verdeeld is

Voorbeelden van "tijdvak" in een zin

  • In dat tijdvak zijn de winsten sterk gestegen.
  • In het huidige tijdvak (het holoceen, van 10.000 v. Chr. tot heden) wordt het klimaat warmer en vochtiger.
  • Decoraties en meubelstukken uit ver van elkaar verwijderde tijdvakken hingen en stonden elkaar met verwondering aan te staren.