timpaan
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bouwkunde) het driehoekige gevelveld tussen de kroonlijst en de schuin oplopende daklijsten van een gebouw
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘fronton’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1913
Vertalingen
Spaanstímpano
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek