tochtdeur

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bouwkunde (bouwkunde) een binnendeur ter voorkoming van tocht, bijv. de deur tussen vestibule en gang, of tussen magazijn en winkelruimte in een supermarkt
    De klapdeur achter de voordeur is een tochtdeur.

Vertalingen

DuitsWindvangtür