touwtrekken
/ˈtɑutrɛkə(n)/
Betekenis
werkwoord
- ruzie maken over een verdeling, strijden over een verdeling, onderhandelen over een verdelingOver de kostenverdeling moesten de twee partijen nog dagenlang touwtrekken, maar uiteindelijk ging iedereen tevreden naar huis.Touwtrekkend over ieder deel van de inventaris ging het scheidende echtpaar uit elkaar.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek