trekrichting

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de richting waarin men aan een voorwerp trekt
    "Er is aan de verkeerde zijde van de kantellijn getrokken. De trekrichting is van invloed op het kantelen," zegt hij.
  2. de richting waarin wolken of vogels wegtrekken
    Ik lette goed op veranderingen in mijn omgeving en ik keek voortdurend naar de wolkenpatronen en -trekrichting.

Vertalingen

Engelsdirection of pulling