trial
mannelijk (de)/ˈtrɑjəl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (sport) behendigheidswedstrijd waarin de deelnemers met hun voertuig een parkoers met allerlei hindernissen moeten afleggenBij trial voor motorfietsen moet de rijder de voeten op de voetrusten houden.
zelfstandig naamwoord
- (muziek) hoge tenor, soort zangstem die vooral in komische opera's voorkomt{{ouds
Etymologie
*[B] van "trial" "bepaald soort zangstem", (eponiem) dat verwijst naar de 18e-eeuwse Franse operazanger , in de betekenis "hoge tenor" aangetroffen vanaf 1903 (zie vindplaats hieronder)
Vertalingen
Engelstrial, trial
Franstrial, trial, tenor bouffe
DuitsTrial, Trial
Italiaanstenor buffo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek