Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

triftong

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈtrɪf.tɔŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. taalkunde (taalkunde) een foneem dat uit drie klinkers bestaat die binnen één lettergreep in elkaar overgaan
    In het Nederlands komen geen triftongen voor.

Etymologie

*Afkomstig van het Oudgriekse τρία en φθόγγος.

Vertalingen

Engelstriphthong
Franstriphthongue
DuitsTriphthong
Spaanstriptongo
Portugeestritongo
Russischтрифтонг
Poolstryftong