Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

troonbestijging

vrouwelijk (de)/ˈtrombəˌstɛiɣɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. aanvaarding van vorstelijke macht, met de daarbij horende ceremonie
    De Amerikaanse bourgeoisie aanbad Londen, Parijs, Wenen, Berlijn of Rome en reisde naar prestigieuze evenementen, zoals troonbestijgingen, handelsbeurzen en wereldtentoonstellingen.
    Het geeft ook antwoord op de steeds terugkerende vraag wanneer Koningin Elizabeth II, die volgend jaar haar diamanten jubileum als vorstin viert, gaat aftreden. Het antwoord is: nooit, tenzij ze er dood bij neervalt. Als haar door haar ouders, na het abdicatie-drama rondom haar oom David, één ding is ingeprent is het dit: ‘Plicht gaat altijd voor.’ Zij dient haar tijd uit, overeenkomstig de eed bij haar troonbestijging: te dienen ‘as long as I shall live’.