tsarevitsj

mannelijk (de)/tsaˈrevitʃ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. geschiedenis (geschiedenis) zoon van de tsaar, oudste zoon en troonopvolger van de Russische tsaar

Etymologie

* Leenwoord uit het Russisch, in de betekenis van ‘zoon van de tsaar’ voor het eerst aangetroffen in 1671