tuberculose

vrouwelijk (de)/ˌtybɛrkyˈlozə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) een ziekte veroorzaakt door de tuberkelbacterie (Mycobacterium tuberculosis) waarbij tuberkels worden gevormd
    Vóór de uitvinding van de antibiotica was tuberculose een gevreesde volksziekte.

Etymologie

*afgeleid van tuberkel

Vertalingen

Engelstuberculosis, consumption
DuitsTuberkulose
Spaanstuberculosis, tisis