tuis

Wat is de betekenis van tuis?

tuis betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tuisen

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tuisen
  2. gebiedende wijs van tuisen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tuisen

Voorbeelden van "tuis" in een zin

  • Ik tuis.
  • Tuis!
  • Tuis je?

Veelgestelde vragen over tuis

Wat is de betekenis van tuis?

tuis betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tuisen

Hoeveel betekenissen heeft tuis?

tuis heeft 3 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je tuis in een zin?

Voorbeeld: “Ik tuis.