uitkakken
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- uitpoepen„Eten, ja” zei ik. „Gewoon Voedsel naar binnen stouwen. En daarna weer uitkakken...”NRC Daan Remmerts de Vries 10 november 2006
- je mening ergens over gevenIn een mooi interview in De Groene bekent zij dat Girlpower in haar familie zit: “Ik moet er wat uitkakken, anders ben ik net zo erg voor de mensen om me heen als mijn vader was.” Vervolgens neemt ze een biertje en een joint in de kleedkamer. Als generaal b.d. McCaffrey het maar niet ziet.NRC Michel Krielaars 16 juli 1998
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek