uitspreekt

Wat is de betekenis van uitspreekt?

uitspreekt betekent: tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitspreken

Betekenis

werkwoord
  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitspreken
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitspreken

Voorbeelden van "uitspreekt" in een zin

  • ... dat jij uitspreekt.
  • ... dat hij uitspreekt.