woorden
boek
Start
›
U
›
uitstap
uitstap
mannelijk (de)
/œytstɑp/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
het verlaten van een verband of een voertuig
De in opspraak gebrachte politicus maakt een uitstap.
Antoniemen
instap
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← uitstampte
uitstapclausule →