uitstapje
/ˈœytstɑpjə/
Wat is de betekenis van uitstapje?
uitstapje betekent: kort plezierreisje
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- kort plezierreisje
Voorbeelden van "uitstapje" in een zin
- Ik maak een uitstapje naar zee vandaag.
- Het zou dus ook een toeristisch uitstapje worden.
- Ze waren gekleed voor een uitstapje in tot de knieën reikende skibroeken, geitenwollen sokken, goed ingevette skischoenen en prachtige Noorse truien met een nawinternachtpatroon op de schouders.
Etymologie
*afgeleid van uitstap
Vertalingen
Engelsexcursion, outing, sightseeing trip
DuitsAusflug, Tour
Spaansexcursión
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek