uittrok

Wat is de betekenis van uittrok?

uittrok betekent: enkelvoud verleden tijd van uittrekken

Betekenis

werkwoord
  1. woorden met boekreferenties enkelvoud verleden tijd van uittrekken

Voorbeelden van "uittrok" in een zin

  • ... dat ik uittrok.
  • ... dat jij uittrok.