uitvoerverbod

onzijdig (het)/ˈœytfurvərbɔt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. economie, handel (economie) (handel) een officiële maatregel die het verbiedt om bepaalde goederen uit een land of gebied te exporteren naar een ander land, vaak om economische redenen (zoals het voorkomen van tekorten,) of politieke (sancties), zoals het tegenhouden van militaire goederen