unie
vrouwelijk (de)/ˈyni/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- samen een eenheid
- organisatie met daarin leden die hetzelfde doel voor ogen hebben
Etymologie
* van "union", in de betekenis van ‘vereniging’ voor het eerst aangetroffen in 1524
Vertalingen
Engelsunion
Spaansunión
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek