uwer

/ˈywər/

Betekenis

voornaamwoord
  1. verouderd (verouderd) genitief van u of gij
    De Heer zal zich uwer ontfermen.
    Als één uwer zich hieraan niet stoort zult gij allen gestraft worden.
voornaamwoord
  1. verouderd (verouderd) genitief vrouwelijk enkelvoud van uw
    Is dit het werk uwer vrouw?
  2. verouderd (verouderd) genitief meervoud van uw
    De kinderen uwer kinderen zullen u dankbaar zijn.

Etymologie

*van Middelnederlands "uwer" ; op te vatten als uw