validiteit
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- geldigheid
Etymologie
*Van het Engelse validity of het Franse validité, van het Latijnse 'validitas'
Vertalingen
Engelsvalidity
Fransvalidité
DuitsGültigkeit
Spaansvalidez
Italiaansvalidità
Portugeesvalidade
Zweedsgiltighet
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek