verbrijzelen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (ov) in vele kleine brokstukken brekenMet een slag van zijn moker verbrijzelde de bruut het been van zijn slachtoffer.
Etymologie
*Afgeleid van het verouderde werkwoord brijzelen
Vertalingen
Duitszerschmettern
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek