verdek

onzijdig (het)/vərˈdɛk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. scheepvaart (scheepvaart) dek van een schip
  2. bedekking van iets

Etymologie

*van Middelnederlands "verdec", op te vatten als "verdekken"

Vertalingen

Engelsdeck, cover
Spaanscubierta, puente, cubierta