verlenging

vrouwelijk (de)/vərˈlɛŋɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. dat waarmee iets verlengd is
    De verlenging van de trein werd losgekoppeld.
  2. het verlengen
    Na onderhandelingen met de vakbonden zal er geen verlenging van de staking zijn.
  3. sport (sport) extra speeltijd
    Tijdens de verlenging kon de thuisploeg de eindstand vastleggen.

Etymologie

* van verlengen .

Vertalingen

Engelsextension, prolongation, extra time
Fransallongement, prolongement, prolongation
DuitsVerlängerung, Verlängerung