verslijten

/vərˈslɛitə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) door veelvuldig gebruik onbruikbaar maken
    Hij versleet menige broek met dat harde werk.
  2. erga (erga) door veelvuldig gebruik onbruikbaar worden
    De broek stond bloot aan weer en wind en is nu geheel versleten.

Etymologie

*afgeleid van slijten

Uitdrukkingen

  • verslijten voor

Vertalingen

Engelsabrade, wear down
Franss'user
Duitsabtragen, verschleißen
Spaansgastarse, desgastarse