vertolken

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. vertalen, het van de ene taal omzetten in een andere taal
  2. Omzetten in spraak, schrift of gebaar:
  3. :De woorden van de spreker werden vertolkt in gebarentaal.
  4. Gevoelens door taal tot uitdrukking brengen
  5. :Daarmee vertolkte hij de onvrede die leefde onder de kustbewoners.
  6. Geschreven aanwijzingen voor muziek, toneelstuk, opera of de choreografie van een ballet, in het theater tot uitvoering brengen
  7. Interpreteren, het aanpassen van oorspronkelijk materiaal aan een andere tijd of smaak
  8. :De moderne wijze van vertolken van oude muziek vind ik maar niets. Veel te snel!
  9. :Zij vertolkte Tosca als geen ander.

Etymologie

*Afgeleid van tolk

Vertalingen

Engelsinterpret
Fransinterpréter
Duitsinterpretieren
Spaansinterpretar