verval
onzijdig (het)/vərˈvɑl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- geleidelijke verslechtering van een toestandJe ziet ook hoe het leven langzaam uit de Route is weggetrokken. De romantiek van het verval is overvloedig aanwezig. Verlaten, met gras en onkruid overwoekerde tankstations.
- het niet meer gelden, het afgeschaft zijn
- (waterbeheer) verticale verloop van een watergang tussen twee plaatsen of bij eb en vloed op eenzelfde plaatsHet verval van de Rijn tussen Lobith en de kust is ongeveer 8,5 m
- terugval in de prestatie als gevolg van toenemende vermoeidheid
- (natuurkunde), (scheikunde) radioactief verval van isotopen
Etymologie
*: "vervallen" zonder de uitgang -en
Vertalingen
Engelsadversity, decay, fall
DuitsGefälle
Spaansadversidad, baja, decadencia
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek