vierendertig

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈvirənˌdɛrtəx/

Betekenis

telwoord
  1. "34", het getal tussen drieëndertig en vijfendertig, dertig plus vier
  2. om een hoeveelheid aan te geven
    De totale kosten bedragen vierendertig euro en zevenendertig cent.
  3. om een plaats in een volgorde aan te geven
    Het juiste antwoord op opgave vierendertig is "42".
zelfstandig naamwoord
  1. dat wat in een (rang)ordening met 34 is aangeduid
    Het is weer de vierendertig die het niet doet, kunnen we die niet simpel vervangen?
    Haar vijfendertigste verjaardag was een belangrijk moment, want haar leven werd heel anders toen ze de vierendertig eenmaal voorbij was.
  2. groep van 34 eenheden
    De vierendertig zijn natuurlijk blij, maar laten we ook denken aan het verdriet van de vier die zijn afgewezen.

Vertalingen

Engelsthirty-four
Franstrente-quatre
Duitsvierunddreißig
Italiaanstrentaquattro
Russischтридцать четыре
Zweedstrettiofyra