vierenhalf

/ˌvirənˈhɑlᵊf/

Wat is de betekenis van vierenhalf?

vierenhalf betekent: (breukgetal) de breuk 4½; vier en een half

Betekenis

telwoord
  1. breukgetal (breukgetal) de breuk 4½; vier en een half

Voorbeelden van "vierenhalf" in een zin

  • Hij is na vierenhalf jaar overleden.
  • Ik ga vierenhalve kilometer lopen morgen.