vierenveertig

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈvirəɱˌvertəx/

Betekenis

telwoord
  1. "44", het getal tussen drieënveertig en vijfenveertig, veertig plus vier
  2. om een hoeveelheid aan te geven
    De totale kosten bedragen vierenveertig euro en zevenendertig cent.
  3. om een plaats in een volgorde aan te geven
    Het juiste antwoord op opgave vierenveertig is "42".
zelfstandig naamwoord
  1. dat wat in een (rang)ordening met 44 is aangeduid
    Het is weer de vierenveertig die het niet doet, kunnen we die niet simpel vervangen?
    Haar vijfenveertigste verjaardag was een belangrijk moment, want haar leven werd heel anders toen ze de vierenveertig eenmaal voorbij was.
  2. groep van 44 eenheden
    De vierenveertig zijn natuurlijk blij, maar laten we ook denken aan het verdriet van de vier die zijn afgewezen.

Vertalingen

Engelsforty-four
Fransquarante-quatre
Duitsvierundvierzig
Italiaansquarantaquattro
Russischсорок четыре