vijfentwintig
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈvɛifənˌtwɪntəx/
Betekenis
telwoord
- "25", het getal tussen vierentwintig en zesentwintig, twintig plus vijf of vijf maal vijf
- om een hoeveelheid aan te gevenDan zou hij haar voor drieduizend meekrijgen; en tot het zover was, onderhandelde hij zonder overtuiging over een middelmatige blaarkop waarvoor hij maximaal achttienhonderd gulden wenste te betalen, zodat de verkoper steeds bozer werd omdat het dier minstens vijfentwintig waard was.Mijn favoriete festival was met voorsprong het Soma Nomaoi in Minamisoma, zo”n vijfentwintig kilometer verderop.De totale kosten bedragen vijfentwintig euro en zevenendertig cent.
- om een plaats in een volgorde aan te gevenHet juiste antwoord op opgave vijfentwintig is "42".Met mijn 43 jaar was ik duidelijk de oudste van het stel, de rest leek ergens tussen de twintig en vijfentwintig.
zelfstandig naamwoord
- dat wat in een (rang)ordening met 25 is aangeduidHet is weer de vijfentwintig die het niet doet, kunnen we die niet simpel vervangen?Haar zesentwintigste verjaardag was een belangrijk moment, want haar leven werd heel anders toen ze de vijfentwintig eenmaal voorbij was.
- groep van 25 eenhedenDe vijfentwintig zijn natuurlijk blij, maar laten we ook denken aan het verdriet van de vier die zijn afgewezen.
Vertalingen
Engelstwenty-five
Fransvingt-cinq
Duitsfünfundzwanzig
Spaansveinticinco
Italiaansventicinque
Russischдвадцать пять
Zweedstjugofem
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek