vijftig
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈfɛiftəx/
Wat is de betekenis van vijftig?
vijftig betekent: "50", het getal tussen negenenveertig en eenenvijftig, vijf maal tien
Betekenis
telwoord
- "50", het getal tussen negenenveertig en eenenvijftig, vijf maal tien
- om een hoeveelheid aan te geven
- om een plaats in een volgorde aan te geven
zelfstandig naamwoord
- dat wat in een (rang)ordening met 50 is aangeduid
- groep van 50 eenheden
Voorbeelden van "vijftig" in een zin
- De totale kosten bedragen vijftig euro en zevenendertig cent.
- Er cirkelden een heleboel vliegen om de paarden heen dus ik zette mijn tent vijftig meter van het vuur op.
- Het juiste antwoord op opgave vijftig is "42".
- In de jaren vijftig en zestig was de Nationale 7 ook de vrolijkste weg van Frankrijk, de route des vacances voor miljoenen Fransen die voor het eerst op vakantie naar het Zuiden konden.
- Het is weer de vijftig die het niet doet, kunnen we die niet simpel vervangen?
Etymologie
* via Middelnederlands "vijftich" van Oudnederlands "fīftig", als telwoord voor het eerst aangetroffen in het jaar 1236; afgeleid van "vijf"
Vertalingen
Engelsfifty
Franscinquante
Duitsfünfzig
Spaanscincuenta
Italiaanscinquanta
Portugeescinquenta
Russischпятьдесят
Turkselli
Poolspięćdziesiąt
Zweedsfemtio
Deenshalvtreds
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek