vinden
/ˈvɪndə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) iets aantreffen nadat ernaar gezocht isWe hebben een nieuwe woning gevonden.Ik had verschillende postadressen gevonden van afgelegen boerderijen, hostels en postbussen die op een paar kilometer van de trail lagen.Er zou die dag namelijk pas na 32 kilometer water te vinden zijn, waardoor ik zeven liter water boven op mijn basisuitrusting mee moest sjouwen.
- iets bedenken
- iets op een bepaalde wijze beschouwen of ervarenEen halfjaar weg van mijn gezin vond men wel erg lang.Wij vonden 25 kilometer per dag al prima, terwijl jullie nu ruim 40 kilometer per dag doorjakkeren. Neem toch de tijd, zoiets maak je maar een keer in je leven mee. Het heeft me nooit losgelaten na al die jaren.’
- iets ondervinden, iets ten deel krijgen
Etymologie
*<Middelnederlands: vinden < Oudnederlands: findan.
Uitdrukkingen
- zijn weg vinden
Vertalingen
Engelsfind, find, think
Franstrouver, trouver, trouver
Duitsfinden, finden, finden
Spaansencontrar, encontrar, encontrar
Italiaanstrovare
Portugeesencontrar
Russischнаходить
Chinees找到
Turksbulmak
Poolsznajdować
Zweedsfinna
Deensfinde
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek