viswijf
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een vrouw die vis verkooptVanaf 10.00 uur staan de vissers klaar om met veel liefde te vertellen over hun beroep. Tussen de zeelieden en de lokale ondernemers loopt ook een echt viswijf rond.de Telegraaf 17 jul. 2014
- een ordinaire vrouw die veel schreeuwtDe een bewondert haar creativiteit en vindt haar een lieve schat, de ander een hysterisch viswijf. Het laat Judith Osborn (50), bedenker van de populaire Fish Wife-shirts, kunstenares en ooit bijna De Slimste Mens, koud. Wat boeit de blondine dan wel?de Telegraaf EBRU UMAR 15 jul. 2017
Uitdrukkingen
- schreeuwen, krijsen en kijven als een viswijf — ruziemaken waarbij men veel lawaai maakt
Vertalingen
Engelsfemale fishmonger, fishwife, scold
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek