loeder

onzijdig (het)/xxxx/

Wat is de betekenis van loeder?

loeder betekent: gemeen persoon

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gemeen persoon
  2. lokaas

Voorbeelden van "loeder" in een zin

  • Mijn vader is de dader en mijn moeder is een loeder, vond de boze puber.
  • Een man die op Jan Wolkers lijkt vertelt dat zijn overleden vrouw soms „door het huis spookt”, dan liggen er ineens dingen op de grond. „Dan zeg ik: waar ben je mee bezig geweest, loeder!” NRC Floor Rusman 31 december 2015

Betekenis en uitleg van loeder

Het woord 'loeder' wordt vaak gebruikt om een vrouw te beschrijven die zich op een ongepaste of immorele manier gedraagt, vooral in de context van seksualiteit. Het heeft meestal een negatieve bijklank en kan ook verwijzen naar een vrouw die slordig of onverzorgd is.

Je kunt 'loeder' gebruiken in informele of zelfs kwetsende gesprekken, vaak wanneer je iemand wilt bekritiseren om hun gedrag of uiterlijk. Het woord is beladen en kan een sterke emotionele reactie oproepen, dus gebruik het met voorzichtigheid. In bepaalde kringen kan het ook als een soort van grap of zelfspot worden gebruikt.

Voorbeelden

  • Na de feestavond had hij het gevoel dat hij zich als een loeder had gedragen met zijn ongepaste opmerkingen.
  • Zij noemde zichzelf een loeder omdat ze haar huiswerk niet had gemaakt en de hele nacht had gefeest.
  • De roddels over de loeder in de buurt maakten het moeilijk voor haar om nieuwe vrienden te maken.

Woordoorsprong

De herkomst van 'loeder' is niet helemaal duidelijk, maar het lijkt verwant aan Oudnederlands 'luder', wat een afkeurende term voor een vrouw betekende, en kan mogelijk zijn oorsprong vinden in het idee van losbandigheid.

Veelgestelde vragen over loeder

Wat is de betekenis van loeder?

loeder betekent: gemeen persoon

Hoeveel betekenissen heeft loeder?

loeder heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft loeder?

loeder is een onzijdig (het).

Wat zijn synoniemen van loeder?

Synoniemen van loeder zijn: kreng, deugniet, doerak, ellendeling, feeks.

Hoe gebruik je loeder in een zin?

Voorbeeld: “Mijn vader is de dader en mijn moeder is een loeder, vond de boze puber.

Etymologie

*verlokkende gestalte