voer
onzijdig (het)/vur/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- voedsel, in het bijzonder voor huisdieren en vee,
- bekleding, voering
- (verouderd) wagenvracht
Etymologie
* In de betekenis van ‘wagenvracht’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1285
Vertalingen
Engelsfodder
Fransfourrage
DuitsFutter, Fuhre
Spaanspienso, forraje
Italiaansforaggio, biado
Russischкорм
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek