vol

/vɔɫ/

Wat is de betekenis van vol?

vol betekent: geheel gevuld

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. woorden met boekreferenties geheel gevuld
  2. helemaal, compleet
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vollen
  2. gebiedende wijs van vollen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vollen

Voorbeelden van "vol" in een zin

  • Zij zocht een zitplaats in de volle trein.
  • De volle fles legde ik tussen mijn benen in de hoop mijn slaapzak iets op te warmen.
  • Zij had zijn volle aandacht.
  • Maar hij had dan ook het volste vertrouwen in de goede afloop.
  • Ik vol.

Etymologie

In de betekenis van ‘gevuld’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901

Vertalingen

afvol
caple
Deensfuld
Duitsvoll
Engelsfull, complete
eoplena
fitäysi
Franspleine, pleines, plein
elγεμάτος
ioplena
Italiaanspieno
laplenus
papyen
Poolspełny, pełen
Portugeescheio, pleno
roplin
gdlàn
Spaanslleno
tlpûno, puno
Zweedsfull