vrijheidszin

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de drang naar vrijheid en onafhankelijkheid
    Het waren mannen met een ongebreidelde vrijheidszin en de beschimpingen die zij aan het adres van hun redelijk bekwame jonge hertog richtten, strooiden zij ook uit over iedereen uit hun eigen gelederen die boven het middelmatige dreigde op te stijgen.